Reigers bij de vijver, wat doe je eraan? | Nederlandse Bond Aqua Terra

Reigers bij de vijver, wat doe je eraan?

Iedere vijverbezitter kan erover meepraten: vroeg of laat wordt de waterpartij ontdekt door een reiger (of als je veel pech hebt verscheidene). Een prachtige, statige vogel, die helaas voor ons perfect is toegerust om vanaf de waterkant nietsvermoedende vissen te verschalken. Uren en met het geduld van een monnik kan een reiger bewegingloos wachten op zijn prooi om die vervolgens genadeloos aan zijn puntige snavel te spiesen.

Poelen, sloten en kanalen zijn er in ons waterrijke land genoeg. En ook de jacht op mollen en eendenpullen levert vaak wel een maaltijd op, zodat een reiger de meeste seizoenen geen honger hoeft te lijden. Sinds de vijver echter een ware revolutie doormaakt en vaak als belangrijk onderdeel van de tuin wordt beschouwd, hebben we met zijn allen onbedoeld een onuitputtelijke voedsel- bron geschapen. Immers, de vissen waarmee we onze vijvers bevolken, zijn over het algemeen rood of oranje gekleurd, zodat we ze altijd kunnen bewonderen. Leuk voor ons en fantastisch voor reigers, omdat onze felgekleurde troetelkinderen van grote hoogte worden waargenomen.

Zoals kinderen de snoeptrommel niet kunnen weerstaan, werken onze vijvers als magneten op reigers, die een gemakkelijke prooi nooit versmaden. Overdag wagen reigers zich niet snel in een tuin, maar 's morgens vroeg en in de avondschemering worden ze een stuk brutaler. Ook ik ben in het trotse bezit van een waterpartij, opgebouwd uit een tweetal vijvers van verschillende grootte, onderling verbonden door een smalle beekloop. Tot mijn onaangename verassing stond er op een vroege morgen in maart een blauwe reiger in een ondiep stukje van de vijver te wachten op lekkers, dat argeloos binnen het bereik van de snavel zou zwemmen. Na het opendoen van de tuindeur koos hij al snel het hazenpad, maar de boodschap was duidelijk. Ik had al enkele malen een reiger op de schutting zien staan en er was er al eens één op het tegelpad naast de vijver geland. Waarschijnlijk was dit iedere keer dezelfde vogel, die uitprobeerde hoever hij kon gaan en daarna steeds brutaler werd.

Een snelle inspectie leerde mij, dat ik een aantal goudelritsen miste. Wie weet, hoelang hij al zijn gang had kunnen gaan... Om de overgebleven vissen, maar ook de vanaf eind maart weer massaal te verwachten salamanders en padden voor hetzelfde lot te behoeden waren dus snelle en doeltreffende maatregelen noodzakelijk. Maar welke? De veelgeroemde en dus veel verkochte nepreigers helpen niets. Het plasticbeest moet een mannetje voorstellen, dat een territorium heeft bezet en dient dus ter afschrikking van andere reigers. Mooi niet dus. Slechts andere mannetjesreigers zullen wegblijven en dan nog alleen als de nek van de nepreiger met behulp van een brander voorzichtig omhoog wordt gebogen zodat de kop dreigend omhoog wijst. Vrouwelijke exemplaren trekken zich niets van soortgenoten aan en landen hier rustig pal naast.

Andere 'reigerwerende' methodes, zoals ultrasone geluiden en vijvernetten, helpen slechts in beperkte mate. Reigers blijken enorm vastberaden beesten te zijn, die blijven zoeken naar zwakke plekken in de vijververdediging. Ik heb het met struikeldraden geprobeerd. Ik spande dun visdraad tussen bam- boestokjes op een hoogte van 20 tot 25 cm op zo'n 20 cm vanaf de vijverrand. Reigers kunnen hier niet overheen stappen, omdat de draad tot de buikhoogte reikt, en het is te laag om er onderdoor te komen. Met eigen ogen heb ik meermalen gezien hoe deze barrière door een reiger werd getest, waarbij inderdaad enkele zwakke plekken in de verdediging aan het licht kwamen en de boef er een enkele keer toch weer met een vis vandoor ging. Na het aanpassen van de draadhoogte tot ongeveer 30 cm en het verplaatsen van enkele draden boekte ik eindelijk succes: ik heb sindsdien geen vis meer door reigers verloren.

Helaas biedt ook deze maatregel geen absoluut waterdichte garantie tegen visverliezen door reigers, omdat de allerbrutaalste uiteindelijk zelfs in de moerasdelen van de vijver zullen landen, maar tegen verreweg de meeste zijn struikeldraden effectief. Het volledig overspannen van de tuin met grofmazig gaas zal ongetwijfeld wel een 100% garantie bieden, maar slechts weinigen onder ons zullen zover willen gaan...

Auteur: 
Henk Sieraad