Indeling koraalvlinders Rode Zee

Met het verbeteren van de internationale betrekkingen in en rondom het Midden-Oosten, de verbetering van transportmogelijkheden en de algehele ontsluiting van het gebied heeft tegenwoordig het verzamelen van en de handel in dieren uit de Rode Zee grotere mogelijkheden dan ooit tevoren. Dit is een zegen voor de hobbyist, want het heeft bewerkstelligd wat er met vrije handel altijd gebeurt: de verkrijgbaarheid neemt toe en de prijzen nemen af. Veel soorten van de levende have uit de Rode Zee, waarvan een groot deel endemisch (alleen daar voorkomend) is, zijn eindelijk te koop en wel voor een habbekrats.

Chaetodon semilarvatus is goudkleurig met een blauw masker; een zwemmende schoonheid met een goede weerstand.

Deze magische plek is een smalle noordelijke uitloper van de Indische Oceaan, 30 - 280 km breed en gevuld met zeewater. De lengte is ongeveer 1.800 km, grotendeels tussen Afrika (Egypte, Soedan, Eritrea en Djibouti) en het Arabisch schiereiland (Israël, Jordanië, Saoedi-Arabië en Jemen), zich noordwaarts vertakkend in de Golf van Aqaba en de Golf van Suez.
Langs de ondiepe oevers zijn vrijwel ononderbroken koraalriffen te vinden. Door het droge klimaat in de omgeving is er een enorme verdamping van het oppervlak van wel 40 m per jaar. Dit resulteert in een constant verhoogde waterdichtheid door een verhoogd zoutgehalte. Door de geïsoleerde ligging en derhalve het ontbreken van genetische uitwisseling met andere zeeën heeft dit gebied na Hawaii het hoogste percentage endemische soorten: ongeveer 17 - 32% van de vissoorten komt alleen hier voor. Het onderwaterleven hier is opvallender en kleuriger dan waar ook op deze aardbol. Een markante verklaring hiervoor is dat de engelen, toen ze uitvlogen om de aarde te beschilderen, op deze plek rust namen en per ongeluk de verfresten in de Rode Zee achterlieten. De vissen en koralen en de meeste andere levensvormen zijn kleuriger als ze hier vandaan komen.

Indeling

Chaetodon lineolatus van Hawaii is vrijwel niet te houden, maar indien uit de Rode Zee doet hij het wat beter. Deze soort kan tot 30 cm lang worden.De koraalvlinders van de familie Chaetodontidae vormen een belangrijk deel van de zeeaquariumwereld. Diverse soorten behoren tot het ijzeren bestand dankzij hun pracht, hun aanpassingsvermogen, hun verkrijgbaarheid en hun weerstand tegen ziekten. Er zijn echter ook veel soorten Chaetodontidae, die vrijwel onmogelijk in gevangenschap te houden zijn. Sommige eten uitsluitend levende koraalpoliepen, andere kunnen zich eenvoudig niet aanpassen aan het overzetten en/of aan de beperkte kunstmatige leefruimte die een aquarium nu eenmaal altijd biedt. Van de goede koraalvlinders (zie: Fenner, 1998) zijn er een stuk of negen uit de Rode Zee beschikbaar. Onderaan staat mijn lijst van goed, minder goed en slecht houdbare soorten, gebaseerd op dertig jaar ervaring met de handel in duizenden vissen en het reizen en schrijven voor de belangen van de aquaristiek.

Afmetingen

Forcipiger flavissiumus, de pincetvis, heeft reeds lang zijn sporen in het aquarium verdiend. Dit exemplaar komt van het oosten van de Grote Oceaan buiten de Baai van Mexico.Koraalvlinders die aangeboden worden vanuit de landen rondom de Rode Zee, behoren in het algemeen tot de middelgrote en grote soorten. Voor de aanschaf zal goed bekeken moeten worden wat voor ruimte de dieren van de verschillende soorten verlangen. Sommige kunnen tot 30 cm lang worden. Een goede vuistregel is dat dieren aangeschaft moeten worden in een lengte van eenderde tot hooguit de helft van de maximale lengte. Generaliserend kan gezegd worden dat dieren van ca 8 - 12 cm zich het beste aan de aquariumomstandigheden kunnen aanpassen.

Habitat

Koraalvlinders uit de Rode Zee verlangen een groot aquarium, 250 l en meer, met een stevige filtering en waterdoorstroming. Een goede vuistregel is ongeveer 100 1 water per vis.

Waterkwaliteit

Heniochus intermedius, een wimpelvis, met lang uitsteeksel aan de rugvin.Het is belangrijk om in de gaten te houden dat de Rode Zee zouter is dan andere zeeën. Het aquariumwater moet dat ook zijn. Sommige aquaristen houden het zoutgehalte opzettelijk aan de lage kant (dichtheid 1,018 - l,023) om de weerstand tegen ziekten te verhogen en geld te besparen op zeezout. Dat mag bij deze vissen beslist niet gebeuren. De minimaal vereiste dichtheid is 1,025 - 1,027.

Territoriumgedrag

De meeste soorten (met uitzondering van de beide Heniochus-soorten) kunnen het beste alleen gehouden worden, tenzij het aquarium gigantisch groot is of als de dieren bij de handelaar al duidelijk een paar gevormd hebben. In het algemeen zijn deze vissen alleen agressief tegen soortgenoten of vissen van een sterk gelijkende soort.

Overwennen

Chaetodon mesoleucos, met het witte gezicht. Hoewel niet zo erg kleurrijk en zich soms tot een vechtersbaas ontwikkelend: in het algemeen goed in leven te houden.Alle koraalvlinders kunnen het beste geplaatst worden in aquaria die al enige tijd staan, met aanvankelijk gedempte verlichting. Let er altijd op dat nieuwkomers niet te veel het slachtoffer van agressie worden. Hoewel er niet veel gevaren dreigen van andere aquariumvissen, zijn er in de natuur grotere vissen die koraalvlinders op het menu hebben staan en dat zou in een aquarium ook kunnen gebeuren.

Voeding

De hierboven geschikt bevonden soorten zijn grage eters. Zij accepteren allerlei soorten geprepareerd en bevroren voedsel. Nieuwe dieren moeten soms eerst aan droogvoer wennen. In dat geval is het raadzaam om te beginnen met garnaaltjes, wormpjes e.d.

Ziekten

Chaetodon paucifasciatus, met de rode rug, is endemisch in de Rode Zee en is een van mijn favorieten.Ze zijn tamelijk gevoelig voor de plagen van het rif. Cryptocaryon en Amyloodinium. Routinematige onderdompeling in zoet water met of zonder koper of formaline en quarantaine zijn eerder aan te raden dan de bekende koperbehandeling. Koraalvlinders zijn soms overgevoelig voor chemische behandeling, vandaar de nadruk op dompelbaden en quarantaine.

Ten slotte

Chaetodon melanotus, met de zwarte rug, kan volgens sommige liefhebbers niet in het aquarium worden gemist. Een waardevolle aanwinst als hij eenmaal is gewend.Diverse van de beste vissen komen uit de Rode Zee, zelfs als hun verspreidingsgebied veel groter is.
Ook tussen de vissen die alleen in de Rode Zee voorkomen, bevinden zich ware schoonheden. Gelukkig hebben steeds meer landen en bedrijven een handel in deze dieren opgezet voor betere prijzen dan ooit tevoren. De verschillende koraalvlinders die uit het gebied komen, hebben vaak te lijden onder de algemene voorwaarden die veel soorten stellen: sommige zijn veel geschikter voor het aquarium dan andere. U kunt zuinig zijn op uw portemonnee en op het milieu door een gewetensvol aquarist te zijn, door te zorgen voor een geschikte omgeving voor uw dieren, door ze goed te verzorgen en door de juiste soorten te selecteren.

 

De het beste houdbare koraalvlinders van de Rode Zee

Chaetodon auriga heeft een draadvormig aanhangsel aan de achterzijde van de rugvin. Sommige auteurs onderscheiden een aparte ondersoort C. auriga auriga, beperkt tot de Rode Zee. Deze ondersoort mist de gebruikelijke donkere vlek op het zachte gedeelte van de rugvin.

C. fasciatus lijkt sprekend op C. lunula die een wijdere verspreiding heeft in de Indische en de Grote Oceaan tot Hawaii. De soort uit de Rode Zee is veel helderder geel.

C. melanotus, met de zwarte rug, kan volgens sommige liefhebbers, en daar hoor ik ook bij, in het aquarium niet gemist worden; een waardevolle aanwinst als hij eenmaal aan het aquarium gewend is.

C. mesoleucos, met het witte gezicht, is hoewel hij niet zo erg kleurrijk is en zich soms tot een vechtersbaas ontwikkelt, in het algemeen goed in leven te houden.

C. paucifasciatus, met de rode rug, is endemisch in de Rode Zee en is een van mijn favoriete soorten.

C. semilarvatus is goudkleurig met een blauw masker, een zwemmende schoonheid met een goede weerstand.

Forcipiger flavissimus, de pincetvis, heeft reeds lang in het aquarium zijn sporen verdiend.

Heniochus intermedius en H. diphreutes, de wimpelvissen met hun lange uitsteeksels aan de rugvinnen, zijn fantastische aquariumvissen.

Minder goed houdbare soorten
Deze categorie is in gevangenschap niet bij voorbaat gedoemd tot ondergang, maar is naar mijn mening veel minder geschikt voor de doorsnee-aquarist; de meeste dieren leven korter dan een maand en slechts heel weinige houden het langer dan drie maanden uit.

C. lineolatus is vrijwel niet te houden als hij bij Hawaii of elders is gevangen; echter uit de Rode Zee doet hij het wat beter. De soort kan tot 30 cm lang worden.

C. vagabundus is een soort die door de ichtyoloog Jerry Allen meer gewaardeerd wordt dan door mijzelf en andere collega's.

Koraalvlinders uit de Rode Zee die u moet mijden
Deze soorten doen het slecht. De overgrote meerderheid leeft zelden langer dan een maand. Wie deze uitdaging toch wil aangaan, kan ik alleen maar zeggen: bezint eer ge begint!

C. austriacus is een endemische soort die levend koraal eet, laat hem in de Rode Zee.

C. larvatus, met de oranjerode kop, is een prachtige, maar moeilijke soort en moet niet worden verward met C. semilarvatus, die het beter doet.

C. leucopleura gooit ook bij Jerry Allen hogere ogen dan bij mij. Ik heb ze nog nooit lang zien leven.

C. trifasciatus en C. trifascialis zijn onmogelijke aquariumsoorten. De meeste exemplaren weigeren elk voedsel in gevangenschap. Helaas worden beide soorten regelmatig ingevoerd en te koop aangeboden.

Auteur: 
Robert Fenner
Fotografie: 
Robert Fenner
Literatuur: 
Allen, G.R., 1979. Butterfly and Angelfishes of the World, Vol. 2. Wiley R Sons, N.Y.
Burgess, Warren E., 1978. Butterflyfishes of the World. TFH Publ., N.J.
Fenner, Bob, 1990. Bannerfish butterflies, the genus Heniochus. FAMA 6
Fenner, Robert, 1995. The yellow longnose butterflyfishes. TFH 11
Fenner, Robert, 1998. Koraalvlinders, Het Aquarium 68 (7/8): 210 - 215
Hough, Dennis, 1996. The Red Sea's Gulf of Eilat. TFH 6
Mayland, Hans J., 1972. A portrait of two fishes (C. larvatus and semilarvatus). Marine Aquarist 3 (5): 72
Mayland, Hans J., 1976. Some Red Sea fishes. Marine Aquarist 7 (5): 76
Rashad, Byron K., 1996. Red Sea Fish for the reef aquarium; Jewels of the desert sea. FAMA 5
Steene, Roger C., 1985. Butterfly and Angelfishes of the World, Vol. 1. Australia. Mergus Publ. Germany